Sunday, August 14, 2005

Goodbye Thailand, welcome Cambodia!

Met Nina, mijn moeder en Wim, waren we dus naar het eiland Ko Chang gereisd, om daar een paar dagen in van die typische houten strandhutjes door te brengen, erg paradijsachtig allemaal uiteraard, met cocktails en lekker eten. Maar toch wat onrustig, met in het achterhoofd het zoeken van een NGO, besloten we na een paar dagen om door te reizen naar Cambodja.
Na een jeep, een ferry, een pick-up, een minibus, en een halve dag later, gedropt in een (Thais) grensdorpje. Voor de 'tourist' zijnde (niet alleen als Westerling overigens, alles wat een soort van bagage met zich meezeult will do) betekent dit al vanaf seconde 1 (eigenlijk vanaf -8 secondes, voordat je uberhaupt de kans krijgt de minibus uit te stappen) 8 drivers (van de beruchte motorbikes) in je kielzog hebben.
Ik moet zeggen dat mijn geduld op dat moment aardig op de proef gesteld werd (met een toch al niet rooskleurig humeur).
Maar goed, na all the hassle aan de grens, formulieren invullen, visas tonen, en natuurlijk een health check (oftwel 100 Bath = 2 euro, lappen), in de volgende auto, de grens over.
En dan is daar de eerste kennismaking met Cambodja, Krong Koh Kong. Een typisch 'doggy' grensdorpje, dat vooral bekend staat om haar bloeiende handel in child trafficking en gok- en hoerententen.
Maar goed, toch maar op zoek gegaan naar een wat authentieker stukje Cambodja. Alhoewel we uiteindelijk in een of ander kunstlokaal een verdwaald groepje muzikanten vonden (met typische instrumenten van hier), en ze ons graag een privé-concertje wilden geven, won de satelite tv mét STARWORLD (filmnet)in onze kamer het uiteindelijk toch van de sfeer van Krong Koh Kong en hebben we (voor het eerst in maanden)de eerste avond in Cambodja heerlijk in bed met goeie films doorgebracht!!
Want, vergeet ik bijna te vermelden, de reden van ons verblijf hier, was dat we geen keus hadden. De eerstvolgende bus naar Phnom Penh ging namelijk pas de volgende dag.
Achteraf snap ik enigszins waarom. De weg van Krong Koh Kong naar Phnom Penh is namelijk niet echt een weg. Althans, niet zoals wij die kennen. Nu is dit iets dat bijna iedere reiziger vertelt, en ook vrij bekend in de oren klinkt, maar serieus, dit moet je toch een keer meemaken om te weten hoe dit is.
Eigenlijk vonden we het nog best grappig. Nou ja, vooral in het begin dan. Want na 10 uur reizen, en dan hebben we het over misschien iets van 90 kilometer verplaatsen in 10 uur, zo slecht is de weg, vergaat je het lachen wel enigszins

En dan is daar Phnom Penh, city of motorbikes. Mijn god, deze stad geeft een nieuwe betekenis aan het concept motorbike. Overal zijn ze. Iedereen gebruikt ze, en ze worden voor alles, maar dan ook alles gebruikt. Hoezo maximaal 2 personen?! De hele familie, met z'n vijven!! Goederen die normaal nauwelijks in een pick-up passen, no problem. Gewoon op je rug binden.
Aangezien we ons altijd graag in de cultuur mengen, zagen we ons dan ook genoodzaakt om er eentje te huren.
Van nooit een brommer rijden naar een brommer rijden in Phnom Penh. Haha, que locura. Serieus, het verkeer is één grote (maar een wel vrij respectvolle) chaos.

Inmiddels zijn we volleerd brommer-bestuurder. Met z'n 3-en, of met 2 man en 3 enorme tassen...piece of cake...haha (we kregen zelfs respectvolle glimlachen van motorbike-drivers).
Zo volleerd zelfs, dit smaakte naar meer!!
Naar een enorm grote dirt bike (250 cc).

Nu zit er ook een functionele kant aan dit verhaal van de dirt bike. Want de 2e dag in Phnom Penh zijn we naar de CCC gegaan, een organisatie die alles bijhoudt van alle nationale en internationale NGO's in Cambodja. Daar hebben we een middag in de bibliotheek doorgebracht, op zoek naar NGO's, en interessante gevonden.
En zo zijn we de 3e dag richting het zuidoosten vertrokken, naar de armste provincie van Cambodja, om bij een organisatie op bezoek te gaan.

Na enorm verkeerd te zijn gereden, na hele dorpsraadplegingen in een poging om ons te helpen (wij met ons bike in het midden met de enige gebrekkig Engels-sprekende man, en het hele dorp om ons heen, binnen no time), en met dank aan de 2 koplampen van lichten op onze bike, wisten we onze weg via de rijstvelden, in het donker, naar Chiphoch Village te vinden.
De oprichtster van de organisatie, Samman, een Cambodiaanse, en een ontzettend warme en intelligente vrouw, die zowat in haar eentje een ontzettend efficiente en goed gefundeerde organisatie uit de grond gestampt heeft, ontving ons ongelooflijk hartelijk, en stond zelfs haar bed af, want "ze slaapt eigenlijk net zo lief op de grond".
Het huis/kantoor en de grond erachter is tevens trainingslokaal en slaapplaats van een deel van de youth volunteers, een groep van ongeveer 10 jongens en meiden uit de omgeving die ongelooflijk zelfstandig werk verrichten.
De organisatie richt zich voornamelijk op kinderrechten en probeert dit mede te bewerkstelligen door veel educatie en voorlichting en het gestructureerd ondersteunen van de armste families, zodat ze hun kinderen niet gaan verkopen of naar de stad sturen om te gaan bedelen.

Echt een ervaring. We werden ontvangen als gasten, meegestuurd op een voorlichting voor kinderen over child trafficking, gedanst met het hele dorp, en met de dirt bike over weggetjes van 40 centimeter breed met overal waar je kunt kijken rijstvelden gereden (serieus ontzag voor Edu, die voor het eerst van zijn leven een motor heeft bestuurd).
Douchen met kaarslicht en water uit de pomp, want natuurlijk geen stromend water en maar een gedeelte van de dag elektriciteit, heerlijk Khmer gegeten, en wakker worden om 6 uur 's ochtends van alle bedrijvigheid (en van krijsende baby's, voor de 3e dag op een rij, ook in Phnom Penh namlijk, en we beginnen sterk het vermoeden te krijgen dat deze baby's hier de functie van haan vervullen, for god sake...).
En nu weer terug in Phnom Penh. Morgen gaan we opniew Samman bezoeken, als het goed is is ze ook hier, om het over een eventueel project hebben. Al hebben we wel onze twijfels, omdat deze organisatie zo goed loopt, en we ons niet overbodig willen voelen.
Maar ook een dubbel gevoel over wat we nu echt willen. Er zijn ook veel slechte organisaties, waarvan we er één gezien hebben. Een weeshuis, waarbij de kinderen je om de nek vliegen zodra je aankomt, dagelijks komen er een heel aantal backpackers die bij het zien van zoveel schattige kinderen graag een bijdrage in rijst of geld geven. Maar iets klopte er niet helemaal. Later hoorden we via via dat geschonken spullen verkocht worden en dat het pure business is. Een erg schandalige business.

8 dagen Cambodja achter de rug.
8 dagen waarin ik enerzijds al veel verschillende kanten van dit land heb gezien, maar anderzijds er nog steeds niet over uit ben wat ik er van vind. Dit heeft voornamelijk met Phnom Penh te maken denk ik.
Cambodja is een ontzettend arm land. En een land met vrij recente en verschrikkelijke geschiedenis. Ik kan me nog herinneren dat ik ooit in een roman begonnen ben met als onderwerp een verhaal over de verschrikkingen van de Rode Khmer. Na 20 paginas ben ik toen gestopt, te gruwelijk. En nu ben ik in een land dat dit meegemaakt heeft.
De killing fiels, maar vooral de Tuol Sleng gevangenis, waar de gevangenen eerst een aantal maanden gemarteld en opgesloten werden, met foto's van de gevangenen en gruwelijke verhalen. Echt heel erg.

No comments: